Afgelopen oktober reden de Nederlandse baanwielrenners het EK in Apeldoorn op de nieuwe baanfiets van Koga. Deze moet ze volgend jaar veel gouden plakken gaan brengen tijdens het WK en de Olympische Spelen. Bij het EK bleek dat de Koga helemaal in orde is. Er werd volop gewonnen en de loftuigingen aan het adres van de fiets waren niet van de lucht. De Engelse selectie heeft ondertussen ook een nieuwe karretje. En wel deze hele bijzondere fiets, een samenwerking tussen Hope en Lotus.

Foto’s: Hope

Mede mogelijk gemaakt door de UCI

De nieuwe fiets van de Engelsen is net na het EK gepresenteerd. We hebben er dus al even aan kunnen wennen, maar mooi vind ik hem nog steeds niet. Doe mij de Koga maar 😉 Maar hij is wel heel intrigerend. Vooral de bochten in de voor- en achtervork springen nogal in het oog. Met heel veel ruimte tussen de wielen en de vorkpoten. Mogelijk dankzij aangepaste UCI regels én nieuwe productietechnieken.

Dit is uiteraard allemaal gedaan om aerodynamisch voordeel te behalen. Het frame heeft de naam HB. T mee gekregen. Hij is ontworpen met de gedachte dat de fiets de renner moet complementeren. Dus niet het frame moet zo aerodynamisch mogelijk zijn, maar de combinatie van complete fiets én renner. De buizen en vormen moeten daarom vooral goed aansluiten bij de luchtstromen die een renner veroorzaakt. Daarom zitten de vorkpoten dus in lijn met de benen van de renner. Ze zijn zo wijd geplaatst dat ze gelijk staan aan de pedalen. Iets dat we bij mijn weten niet eerder zagen.

Lotus Engineering is verantwoordelijk voor de bijzondere voorvork en het stuur. Ze werkten samen met Hope om deze in de complete fiets te implementeren. Door de vorm zorgt de voorvork niet alleen voor een meer aerodynamische luchtstroom langs de benen, maar is hij dankzij de breedte ook nog eens stijver dan een ‘conventionele’ vork. De fiets is gemaakt voor alle disciplines. Stuur en geometrie worden aangepast voor sprint of achtervolging, maar de basis blijft gelijk. Het is trouwens niet voor het eerst dat automerk Lotus samenwerkt met de Engelse wielerbond. Al in 1992 reed Chris Boardman op een Lotus Type 108 naar het goud op de Spelen in Barcelona.

Het stuur, de stuurpen en de vorkkroon zijn van 3D-geprint titanium. Ook de seatstays en zitbuis zitten in een ‘lug’ die gemaakt is van dit spul. Voor deze technologie is Renishaw ingeschakeld. Een bedrijf met veel expertise op dit gebied. De stuurpen op de foto’s heeft een gespleten uiterlijk. Vanaf de vorkbuis gaan er 2 armen richting het stuur. Die constructie is niet door de UCI-keuring gekomen en is ondertussen aangepast. Vreemd, want de Cervélo S5 heeft een soortgelijke constructie. Kennelijk gelden er voor de weg andere regels.

90% UD HM

Net als bij de Koga fiets is ook deze voorzien van een geometrie waarbij de renners haast plat voorover op de fiets liggen. Dus met een extreem lange reach en een gigantische drop (verschil tussen zadel- en stuurhoogte). Het carbon in het frame bestaat voor 90% uit UniDirectional High Modules carbon. Eigenlijk wordt er alleen nog op de lastige plekken waar de meest extreme krachten komen gevlochten carbon gebruikt. Denk aan rond het brackt, bij de voorvork en de zadelpen. UD HM carbon is duur (5x duurder dan ‘gewoon carbon’) en lastig te verwerken, waardoor er normaal gesproken veel minder van wordt gebruikt. Maar bij deze fiets zijn uiteraard kosten noch moeite gespaard en is er dus voor gekozen een zo licht mogelijke fiets te bouwen met behulp van dit dure materiaal. Overigens is licht bij baanfietsen een ruim begrip. De complete fiets op de foto weegt toch nog 7,5 kilo. Er komen zulke krachten los uit de superbenen van de sprinters dat er gewoon veel materiaal nodig is om dit allemaal te ondervangen.

Nieuwe wielen

Hope zorgde niet alleen voor een topframe. Ze regelden daarnaast ook dat door een nieuwe produktieproces de dichte wielen een betere stijfheid-/gewichtsverhouding kregen. Dat deden ze door een manier te bedenken waarop de wielen uit één stuk gemaakt kunnen worden. Normaal worden discwielen uit 2 schijven, een velg en de ‘buisdeel’ voor de naaf gemaakt, door die delen aan elkaar te lijmen. Hope kan dit alles in 1 mal maken, hetgeen een lichter wiel oplevert omdat er veel minder lijm nodig is.

Hope maakt heel veel hoogwaardige aluminium onderdelen als naven, remschijven, lagers en andere precisie-onderdelen voor de fiets. Ze hebben dan ook bijzonder veel ervaring met het creeren van hele nauwkeurige mallen. Kennis die van pas kwam bij het maken van de onderdelen voor de nieuwe baanfiets. Ze kunnen in een week een mal maken om prototypes mee te maken en die ook zelf aanpassen waar nodig, als dat uit de testen komt. Ze maakten uiteindelijk 5 mallen met wisselbare onderdelen, waarmee ze nu 8 maten frames kunnen maken.

Handwerk

Ieder frame bestaat uit meer dan 300 carbondelen die allemaal met de hand op de juiste plek gelegd moeten worden. Het maken van één frame kost daardoor uiteindelijk zo’n 2 werkdagen aan manuren. Allemaal handwerk. De fietsen worden niet gespoten, dat scheelt ook weer gewicht. Bij Hope zijn ze daarnaast heel trots op hun werk en vinden ze het daarom leuk dat je de carbonverbindingen gewoon kunt zien zitten. Op de foto’s zie je de fiets trouwens met een 64 tands(!) voorblad. Om daar alleen al mee op gang te komen, heb je een aardig wattage nodig.

Om een UCI goedkeuring te krijgen is één van de vereisten dat de fiets voor consumenten te koop moet zijn. Dat is ie dan ook. Als je interesse hebt kun je hem vanaf eind december rechtstreeks bij Hope bestellen. Een prijskaartje is er nog niet aan gehangen.

Volgend jaar zullen we zien of ‘onze’ renners op hun Koga de strijd aan kunnen met de Engelsen. Gelukkig zijn het nog steeds de benen die het moeten doen….