Tom Dumoulin verbaasde afgelopen zondag de loopwereld door op de 10 kilometer een onwijs scherpe tijd neer te zetten van minder dan 33 minuten. Helemaal nieuw is het niet dat een wielrenner de stoute loopschoenen aantrekt. Een overzichtje.

Dumoulin noteerde zondag tijdens de Groene Loper Run in Maastricht een tijd van 32.38 minuten op de 10 kilometer. Een tijd waar menig recreant heel erg jaloers op is, maar waar de Nederlandse atletiektoppers niet wakker van liggen: zij duiken met enige regelmaat onder de 30 minuten of lopen zelfs 28’ers. Het wereldrecord op de 10 kilometer (baan) is in handen van Joshua Cheptegei (26.11 minuten). Daar komt Dumoulin dus ruim niet aan, maar een goede tijd is het wel.

Van de actieve wielrenners is bekend dat Tom Pidcock ook regelmatig de loopschoenen aantrekt. Pidcock noteerde in coronatijd zelfs een (ongeloofwaardige) tijd van 13.25 minuten op de 5 kilometer, maar al snel werd duidelijk dat het rondje in het park niet helemaal klopte. Terwijl de Noorse broer Jakob en Henrik Ingebrigtsen (wereldtoppers op de baan) naar tijden van 13.28 en 13.37 minuten liepen en daarmee onder het Noorse record doken, dook parttime-hardloper Pidcock daar op ongeveer hetzelfde moment dus onder. Hoewel Pidcock er stevig de pas in had, bleek dat de GPS niet helemaal klopte en dat zijn snelheid op de beelden niet helemaal overeen kwam met de daadwerkelijke tijd. Na wat natte vingerwerk (en een opmerking van Israel Start-Up Nation-renner Michael Woods, die vroeger een succesvolle 1500 meter loper was) werd de tijd officieus gecorrigeerd naar ongeveer 15.45 minuten. Alsnog razendsnel.

Een duel tussen Dumoulin en Pidcock zou dus nog een mooi gevecht op kunnen leveren op de 10 kilometer, ervan uitgaande dat Pidcock ongeveer een minuut verval heeft en op de 10 kilometer ook in de 32 minuten kan lopen. Maar zijn zij de enige snelle, actieve wielrenners? Nee. Ook Wout van Aert loopt regelmatig hard. Hij vond het onlangs zelfs leuk om een week na Parijs-Roubaix met vrienden deel te nemen aan de Antwerp Ten Miles. Hij deed 1 uur en 11 minuten over de 16,1 kilometer lange wedstrijd. Van Van Aert is bekend dat hij regelmatig hardloopt, vooral in off-season.

Ook Primoz Roglic, ploeggenoot van Dumoulin en Van Aert, loopt regelmatig hard. Hij doet dat zelfs tijdens grote rondes voor het ontbijt. Een kort loopje van ongeveer 20 minuten om de dag mee te beginnen is bij de Sloveense topper inmiddels net zo’n gewoonte geworden als tandenpoetsen. Collega-klassementsrenner Adam Yates liep onlangs zelfs 2 uur en 58 minuten tijdens de marathon van Barcelona. Razendsnelle tijd, maar daarmee is hij niet de snelste oud-prof.

Chris Froome waagde in 2013 ook een poging op de Mont Ventoux, maar kwam niet verder dan honderd meter.

Tour de France, Mont Ventoux en Chris Froome

Olano de rapste
Ooit zei Lance Armstrong tegen Mart Smeets dat hij de snelste ex-topwielrenner op de marathon wilde worden. Zijn eerste marathon voltooide hij in New York  in 2.59 uur, zijn tweede ging een stuk sneller: 2.46 uur. Toen was hij nog sneller dan Laurent Jalabert, die 2.55 uur erover deed, maar inmiddels is de Fransman – die na zijn carrière verslaafd raakte aan triatlons – met 2.44 uur iets rapper. Daarmee komt hij nog vijf minuten tekort om het ‘record’ van Abraham Olano uit de boeken te lopen: de Spanjaard (wereldkampioen in 1995 en Vuelta-eindwinnaar in 1998) deed er in 2006 slechts 2 uur en 39 minuten over.

In Nederland heeft Roger Smeets met 2 uur 17 minuten de snelste tijd achter zijn naam staan. Smeets maakte in zijn juniorentijd deel uit van de KNWU-selectie en reed als prof voor Foreldorado, de ploeg waar ook onder anderen John Talen en Eddy Bouwmans voor uitkwamen. Een bekendere oud-prof die (halve) marathons heeft gelopen is Michael Boogerd. Tijdens zijn dopingschorsing liep hij vaker hard en deed hij in Nederland onder andere mee aan de Kustmarathon in Zeeland. Vorig jaar deed hij enkele dagen voor het ingaan van de coronamaatregelen mee aan City-Pier-City in ‘zijn’ Den Haag. Met succes: hij liep 1.20 uur over 21,1 kilometer.

Ongetwijfeld ontbreken er nog heel wat namen in dit lijstje, maar dit zijn de bekendste voorbeelden van (oud-)wielrenners die een poging waagden op de marathon.

Opvallende marathontijden hardlopende wielrenners:
– Abraham Olano (2006): 2.39,19 uur in San Sebastian
– Rolf Aldag (2006): 2,42 uur in Hamburg
– Laurent Jalabert (?): 2.44,47 uur in Valencia
– Lance Armstrong (2007): 2.46,43 in New York
– Freddy Ovett, reed in 2020 voor Israel Cycling Academy (2021): 2.48,55 uur in Los Angeles
– Adam Yates (2021): 2.58,44 uur in Barcelona
– Andreas Leknessund van Team DSM (2018): 3.01,30 uur in Frederikstad
– Alexandre Vinokourov legde de Iron Man in Hawaï af in 8 uur en 58 minuten (!)

 

View this post on Instagram

 

A post shared by Adam Yates (@adamyates7)

De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."