30 november 2020 | Menno Grootjans

Getest: BMC Teammachine SLR01 Four, eigentijds design

10 jaar jong. Dat is de virtuele leeftijd van de BMC Teammachine. De Teammachine SLR heeft een indrukwekkend palmares: wereldkampioenschappen, olympische titels en de Tour de France. Een winnaarstype dus. Deze 2021 is de vierde generatie van de Teammachine.

Voor komend seizoen is de Teammachine er in zeven uitvoeringen en als framekit (module). Wel alleen in schijfremuitvoering. Je moet goed kijken om het verschil met de ‘oude’ Teammachine te kunnen constateren.

Technische termen

In Zwitserland zijn ze nogal tuk op het gebruiken van allerlei technische termen. Wat dacht je van: Accelerated Composite Evolution Technology (ACE). Dat slaat op hoe BMC een carbon racer ontwerpt en bouwt. Lag de focus voorheen op gewicht, stijfheid en conformiteit, nu is ook aerodynamica toegevoegd. De onderbuis is aangepakt, de junction van de Di2 is naar beneden verhuisd, de locatie van de Aerocore-bidonhouder is verlaagd – als het ware in de onderbuis ingebouwd – het gedeelte rond het bracket is breder gemaakt, de aansluiting van de staande achtervork is nog wat verlaagd, er zijn nieuwe achterpatten gemaakt, er is een nieuwe D-vormige zadelpen en ja, vooral aan de voorzijde is de BMC zichtbaar veranderd. Integrated Cock- pit System (ICS) noemen ze dat bij BMC. Er is een versie met een vaste combo, maar onze testfiets heeft een vernieuwde, nauwelijks zichtbare verstelbare ICS 2 stuurpen en stuur – de leidingen en kabels lopen via een overdekking naar de voorzijde van de bal- hoofdbuis het frame in.

De nieuwe Teammachine is veranderd – en ook weer niet. Wat rijdt dat geweldig fijn. Hard? Totaal niet. De 25 millimeter Corsa’s pakken veel weg onder je. Daarbij is de zit niet overdreven racy; een naloop van 63 millimeter is prima voor een Grand Tour. De vorm van het stuur is weldoorwogen gekozen. De BMC mag van ons in het rijtje SL7, Émonda en Diamante. Allround racers met aero kenmerken. Maar dan zonder overdreven agressief karakter. De BMC ziet er uit als een Mastiff vechthond – en kan ook zeker van zich afbijten – maar als je hem goed behandelt is het bijna een labradoodle.

BMC Teammachine SLR01 Four

BMC Teammachine SLR01 Four BMC Teammachine SLR01 Four
Zachtblauw met wit. 

BMC Teammachine SLR01 Four
Eigen BMC-naven. 

BMC Teammachine SLR01 Four


Dit is een artikel uit Fiets 11. Kijk hier voor de laatste aanbiedingen

Gerelateerd

Menno Grootjans

Nestor in het illustere gezelschap dat zich Fiets-redactie noemt. Werkt al sinds mensenheugenis voor Fiets, toen nog als MTB-redacteur….met baard! Import-Brabander met grote voorliefde voor “de cross”. Laat zich niet snel uit het veld slaan, maakt zijn testen zelfs met gescheurde achillespezen af…en altijd op tijd. Menno is het hele jaar in vorm, zowel op de weg als op het toetsenbord, en zorgt ervoor dat je in ieder nummer van Fiets weer de nieuwste racers te zien krijgt. “Hallo, met Menno”, is al genoeg om via de telefoon de nieuwste Dogma’s los te krijgen. We verdenken hem van het stiekem hebben van een 2e huis op Mallorca waar hij onder het mom van “een persintroductie” met grote regelmaat heen gaat om lekker te fietsen.

Strava: http://www.strava.com/athletes/2985578

Meer artikelen van Menno Grootjans

2 reacties op “Getest: BMC Teammachine SLR01 Four, eigentijds design

  • Het is niet FOUR omdat het de vierde generatie is, het FOUR omdat dit de versie met Ultergra DI2 is.

    One: SRAM Red Etap Axs
    Two: Dura-Ace DI2
    Three: SRAM Force Etap Axs
    Four: Ultegra DI2 dus

    De FOUR zou steeds mijn keuze zijn, dat blauw is schitterend.

    • Je hebt gelijk. De FOUR in de naam slaat op de afmontage, niet de generatie. Dank voor je oplettendheid, zinnetje is aangepast. Het is overigens wel de vierde generatie. 2010, 2016, 2018 en de 2021 uitvoering is de vierde iteratie van de Teammachine.

Geef een reactie

Inloggen