De Tour de France is in volle gang. Elke dag een Tourweetje uit de Tourbijlage van Fiets nr. 7-2006. Vandaag krijgen de renners een lange tijdrit voor de wielen. In wat voor houding zijn ze het snelst?

7e ETAPPE 8 JULI 52 KM

Tijdrijder worden
Tijdrijden is een gevecht tegen de luchtweerstand. Verreweg de grootste weerstand die een tijdrijder in een vlakke tijdrit moet overwinnen is die van de lucht. Een goede tijdrijder is in staat om in een positie op de fiets te zitten die de luchtweerstand tot een minimum beperkt. De eerste vereiste is het verkleinen van het frontaal oppervlak, dat wordt bereikt door het bovenlichaam horizontaal te houden. Het beste voorbeeld van het effect van een aërodynamische houding op de fiets is het verschil in werelduurrecord dat ontstond zodra wielrenners verplicht werden een traditionele houding aan te nemen bij een recordpoging. In een aërodynamische ‘Superman’-positie werd meer dan 56 kilometer in 1 uur gehaald, in traditionele positie daalde die afstand tot onder de 50 km! De moeilijkheid van fietsen in een aëro-positie is dat je wordt gedwongen bij een kleine heuphoek kracht te leveren. Of je dat kunt, is afhankelijk van aanleg en van training. Bjarne Riis van het Deense CSC laat zijn rijders 30 procent van alle trainingen op de tijdritfiets doen. Een goede strategie, je moet wennen aan die houding. Daarnaast kun je met trucs proberen de luchtweerstand in de luren te leggen. Als je het bovenlichaam niet horizontaal kunt krijgen, moet je proberen het ‘gat’ tussen armen en hoofd op te vullen. Het stuur schuin omhoog zetten helpt: misschien zie je straks Floyd Landis in die ski-houding voorbij schieten. Oefenen maar!
Adrie van Diemen, inspanningsfysioloog

Klik hier voor meer nieuws, liveticker en achtergronden: