Velen van ons zijn lid van een wielervereniging of een club. Je fietst met een groepje en je praat over afstanden, uitdagingen, Strava, wattages en het materiaal. Maar als je het ook leuk vindt om bezig te zijn met een klassieke racer? Jouw maatjes kijken je misschien meewarig aan. De redding: Wielerclub Op Zijn Retour.
Op Zijn Retour is de enige oldtimer wielerclub van Nederland. Opgericht in 2015 en anno 2025 zijn er 82 leden. De club organiseert toertochten en retro demo’s. Op Zijn Retour is ontstaan in Noord-Brabant, maar intussen zijn er leden in heel het land. Je kunt lid worden, maar je kunt ook eerst een keer mee als gastrenner. Dan kun je kijken of er een match is. Maar in principe word je alleen lid als je een liefhebber bent van oude stalen racefietsen en je bereid bent tot het in ere houden van de stalen racer.
Je hoeft natuurlijk geen verzamelaar te zijn, maar de realiteit is wel dat de meeste leden meer dan één stalen racefiets in de werkplaats hebben staan. De ondergrens van de leeftijd van de fiets? Die is er niet. Er is op dit moment wel een duidelijke bovengrens: 1990. Staal natuurlijk, maar kom je aan met een aluminium Alan of Vitus, dan kun je gewoon aansluiten.
Tijd-correct
1990 is ook het jaar waarin Shimano met de eerste uitvoering van de SIT Dual Control rem/schakelhendels kwam, gevolgd door het Ergopowersysteem van Campagnolo in 1992. Nu rijden er maar weinig leden met Shimano, dus er is geen sprake van een probleem. Wel wordt het gewaardeerd als je met een fiets aankomt die ‘tijd-correct’ is afgemonteerd. Look-klikpedalen? Prima, maar dan het liefst de eerste serie witte pedalen als je met een fiets uit pakweg 1985 of 1986 rijdt…
Maar niets is in beton gegoten. Net als bij de kledingkeuze. Er is een sterke voorkeur voor zo divers mogelijke, authentieke wielershirts. En de aloude ‘worstenhelm’ is afgeschaft bij de retro demo’s. Die is nog wel toegestaan bij de tourritjes die door de leden kriskras door het land worden georganiseerd en waar het tempo op maximaal 25 kilometer per uur ligt, maar ook daar liever een moderne schaalhelm, want dat is echt een stuk veiliger.

Pure liefhebbers
Doordat Op Zijn Retour is gebaseerd op iets dat anderen ‘oud en versleten’ zouden noemen en niet op snelheid, prestaties of inspanningen, zie je een bonte mix van deelnemers. Pure liefhebbers. Er fietsen pensionado’s mee, loonslaven en zelfstandigen zoals stratenmakers, medisch specialisten en bankiers. Inkomen of politieke overtuiging doet er niet toe. De gemiddelde leeftijd is wel ver in de 50. Het oudste lid is 85 jaar en het jongste 12.
De meeste leden kennen de stalen racers van hun eigen verleden. Sommigen hebben veel spijt dat ze ooit hun Colnago Master voor vijf tientjes hebben verkocht. Anderen zijn jarenlang bezig om hun eigen fiets weer op te sporen. De fiets waarmee ze begonnen zijn, de Pijl van Limburg hebben gewonnen of juist de fiets van een renner uit de buurt van wie ze fan waren. Zoals de 1990 Panasonic van ex-prof Eddy Bouwmans, met het juiste PanasonicSportlife-shirt erbij. Of ze kopen hetzelfde model dat ze vroeger hadden en zijn dan jaren bezig om die net zo te maken als waar ze ooit op reden.

Er is geen fiets zonder verhaal. En de leden delen hun avonturen onderling volop. Daarnaast helpen ze elkaar ook waar nodig. Dat gaat van ‘heb je nog een trapas voor een Campagnolo Record crankstel?’ tot ‘zal ik je ophalen om naar Heeswijk Dinther te gaan?’
Retro demo
Heeswijk Dinther? In de recente televisieserie Koers van de Kameraden van Omroep Max kwam Op Zijn Retour ook aan bod. Niet alle leden waren even enthousiast over hoe de club werd afgeschilderd. Wij togen op 15 juni naar het Brabantse dorp om eens als gastrijder mee te fietsen. Er was een retro demo als voorprogramma van een KNWU-koers. Het voor de demo aangepaste rondje van twee kilometer ging de eerste 35 minuten in een tempo van maximaal 25 kilometer per uur – aangegeven door voorrijders. De laatste vijf rondjes ging de rem eraf. De snelheid voorin het peloton schoot omhoog naar ver achter in de 30. De snelste renner haalde 43 km/u in de laatste ronde.
De deelname was vrij toegankelijk voor leden, gastrijders betaalden een tientje. Ruim vijftig fietsers reden mee. Van beginnende toerders tot ex-amateurs en ook nog twee oud-profs. De voorzitter van de vereniging Hans van Eck was de speaker en kende alle rijders bij naam en toenaam. En op welke fiets ze reden. Wie er won? Daar ging het niet om. Er was wel een podium, maar daar mochten de rijders plaatsnemen met de – volgens het bestuur – mooiste fiets en uitrusting. De liefde voor de stalen fiets dus.

Die liefde uitte zich ook tijdens de nazit – een zeer belangrijk onderdeel van Op Zijn Retour. En waar ‘moderne’ fietsers zich te goed doen aan hamburgers en speciaal bier, was het hier eerst appeltaart en daarna een Leffe. De koers werd besproken, informatie over het afstellen van derailleurs uitgewisseld en onderling tipten men elkaar waar er nog onderdelen te koop zijn. Kijk, de fietsen zijn oud, maar zeker niet versleten. En eigenlijk gaat dat voor de meeste leden ook op.
Het gevoel van vroeger
Van Johan de Beer, de secretaris van de club, kon ik een fiets lenen. Een – uiteraard – stalen Atala met een mix van Shimano. Met buiscommandeurs, een pignon met vijf kransjes en – oef – een 53 voor. En natuurlijk heel smalle bandjes en een dun stuur. Heel normaal in de jaren tachtig, maar als je daar al heel lang niet meer mee gereden hebt… Dat gold ook voor het shirt. Ik had mijn oude clubshirt nog in de kast, van ABC Behang-Rijschool Theo Peeters. Toen kriebelde het al, nu nog steeds.
Ik was niet helemaal op de hoogte van de mores van de pedalen dus reed ik maar op gewone platte exemplaren. Ook dat was wennen. De eerste keer een beetje strak de bocht door ging nog wat onwennig, maar na een paar rondjes was het gevoel van vroeger weer terug. Plus het besef dat ik destijds ook nooit een platte prijs reed in een criterium… ik vond het leuk. Het voelde als een Brabantse uitvoering van Back to the Future. Reed ik vroeger naar huis in een Citroën Acadiane – met vier versnellingen, zo’n trekpook en geen centrale vergrendeling – nu bliepte ik mijn Ford open… Zou ik nu ook nog een oude 2CV kopen?





