Hoewel de commissie geen waardeoordeel velt over het wielrennen, doet NOC*NSF dat wel. Op de conclusie dat bijna elke wielrenner eind jaren 90 aan de doping zat, is de reactie duidelijk: “onvoorstelbaar en teleurstellend.”
Bolhuis, die het onderzoek van de commissie roemt, vervolgt: “Dat het gebruik zo’n omvang had en zo in de cultuur en structuur van deze sport was opgenomen, daar keek ik toch nog van op. Wij vinden dat dit niet nog eens mag gebeuren, niet bij het wielrennen en niet bij andere sporten. Daar zullen we alert op moeten zijn.”
De sportkoepel stelt dat er drie essentiële redenen zijn waarom dopinggebruik in de toekomst bestreden moet worden. “Het gaat ons om eerlijke sport, met respect voor elkaar en geen competitievervalsing; om de integriteit van de sport, het naleven van regels en de waarheid spreken, en om de gezondheid van de sporter. Wij zijn deze strijd tegen doping aan onze sporters verplicht.”
“En daar komt mijn pessimisme vandaan. Het kabinet heeft kort geleden bekend gemaakt dat ze de kansspelmarkt wil liberaliseren. Wat verdiend wordt aan sportweddenschappen hoeft in de toekomst niet meer naar de sport terug te vloeien. Daarmee legt het kabinet de bijl aan de wortel van het Nederlandse sportsysteem.” “Immers, de huidige afgedragen kansspelmiddelen worden nu juist gebruikt om te zorgen voor verantwoorde sportbeoefening, voor het tuchtrecht, voor de dopingcontroles, voor de organisatie van de competitie en voor nog veel meer.”
Pessimisme
Voorzitter Bolhuis deelt het optimisme van de commissie over de toekomst vooralsnog niet. “Om de sport zo veel mogelijk dopingvrij te houden, maar ook om andere uitwassen te voorkomen zoals seksuele intimidatie of match fixing, hebben we sterke landelijke sportorganisaties nodig die handelen in het belang van alle sporters”, aldus Bolhuis.“En daar komt mijn pessimisme vandaan. Het kabinet heeft kort geleden bekend gemaakt dat ze de kansspelmarkt wil liberaliseren. Wat verdiend wordt aan sportweddenschappen hoeft in de toekomst niet meer naar de sport terug te vloeien. Daarmee legt het kabinet de bijl aan de wortel van het Nederlandse sportsysteem.” “Immers, de huidige afgedragen kansspelmiddelen worden nu juist gebruikt om te zorgen voor verantwoorde sportbeoefening, voor het tuchtrecht, voor de dopingcontroles, voor de organisatie van de competitie en voor nog veel meer.”
