1 oktober 2020 | fietsredactie

Exclusief interview met Evenepoel: ‘Italië zal de Giro dubbel zo warm omarmen’

Alles wat Remco Evenepoel lange tijd aanraakte dit jaar veranderde in goud. De vier rittenkoersen die hij tot begin augustus reed, werden allemaal gewonnen door de wonderknaap uit Schepdaal. Ondanks zijn pas twintig jaar was de tweedejaarsprof van Deceuninck-Quick Step niet te stoppen. Dat hij kon tijdrijden bleek al in zijn debuutjaar 2019 met zijn Europese titel in Alkmaar en zijn WK-zilver in Yorkshire. In 2020 bleek ook klimmen met wereldtoppers vanzelfsprekend geworden. Evenepoel straalde zoveel kracht en maturiteit uit dat hij zelfs tot de favorieten voor de eindzege in de Giro d’Italia werd gerekend.

Geschreven door Renaat Schotte

Hoe ver hij zou kunnen komen in zijn eerste grote ronde zullen we voorlopig nog niet te weten komen. Een zware crash tijdens de afdaling van de Colma di Sormano in de Ronde van Lombardije half augustus leverde Evenepoel een pijnlijke bekkenbreuk op. Er moest meteen een streep door het restant van zijn seizoen worden gezet. Het betekende ook dat het beoogde cover-verhaal voor de Giro- & Vuelta-special van Procycling van de hand van Sporza-verslaggever Renaat Schotte, die Evenepoel tot dan toe het hele seizoen had gevolgd, niet mee kon in het blad. 

Maar de gesprekken die Schotte dit jaar voerde met het fenomeen op twee wielen waren veel te interessant om niet te publiceren. Vandaar dat we het verhaal online plaatsen. Om een mooi inkijkje te krijgen in de belevingswereld van het Vlaamse toptalent en om toch ook een beetje in de stemming te komen voor de Giro, die aanstaande zaterdag gaat beginnen. Al is dat dus helaas zonder Remco Evenepoel.

Remco en Fabio

Ronde van San Juan
3 februari 2020. Daags na de eindzege van Remco Evenepoel in de Argentijnse Ronde van San Juan. Er is een fotosessie aan de gang. De jongste winnaar ooit van de Vuelta a San Juan, 20 jaar en 8 dagen jong, is het dankbare onderwerp. De voetbalgekke Argentijnen duwen Remco een voetbal in de voeten. Poseren met de bal kan, jongleren laat hij in het verleden. Nochtans kreeg Remco een dag eerder de ultieme eer van de Argentijnen. Een shirt van de Albicelestes met rugnummer 10, naar analogie met dé beste Argentijnse voetballer. Voor de Zuid-Amerikanen is Evenepoel niemand minder dan de Messi van de koers. Een Argentijnse journalist duwt Remco een krant in de handen met de titel ‘El pibe 10’ – De jongen met rugnummer 10 – het predicaat van de ultieme spelverdeler. Het is dan al duidelijk: Evenepoel is dé rijzende ster van de internationale wielerwereld.

Er circuleren een aantal versies over de totstandkoming van jouw Girodeelname. Wat is nu het echte verhaal?
“Eerst was er serieuze twijfel om dit jaar al een grote ronde te rijden. Het oorspronkelijke plan was om dat pas in 2021 te doen. Eind vorig jaar kwam het idee dan toch voor het eerst op tafel tijdens de gebruikelijke eindeseizoenmeeting van de ploeg.”

Hoe ging dat concreet? Er gaat een verhaal rond over berichtjes met Italiaanse vlaggetjes van jouw kant…
“Het verhaal van die vlaggetjes is een beetje opgeklopt in de media. Het was vrij simpel. Ik zat met de tijdritfiets op de rollen te rijden, en was tegelijk ook via WhatsApp in gesprek met Patrick (teammanager Lefevere). Dus ik stuurde hem een foto van die rollensituatie met een Italiaans vlaggetje erbij. Dat was een paar weken na de eerste presentatie van die Ronde van Italië. Toen begon het idee om de Giro te rijden te rijpen. We gingen toen ook nog uit van een seizoen met Olympische Spelen. Maar dat doet geen afbreuk aan mijn motivatie. Het plan voor de lockdown was voluit voor de Giro gaan. En dat was ook het plan na de lockdown.”

“Pogačar is een referentie en Bernal heeft ook bewezen dat je zelfs op heel jonge leeftijd al de Tour kan winnen. Leeftijd is tegenwoordig relatief in koers.”

Inspireerde het succes van jouw generatiegenoot Tadej Pogačar (inmiddels Tourwinnaar) in de Vuelta a España 2019 je ook?
“Inspireren is een groot woord, al was hij natuurlijk echt uitzonderlijk goed. Hij reed impressionant sterk in Spanje. Ik vind het cool hoe jonge gasten tegenwoordig mee de koers maken en goede prestaties afleveren.”

Pogačar leverde ook het bewijs dat je in de koersen van nu als twintigjarige drie weken lang kan presteren op niveau.
“Dat is juist. Of dat ook voor mij is weggelegd, blijft afwachten. Pogačar is een referentie en Bernal heeft ook bewezen dat je zelfs op heel jonge leeftijd al de Tour kan winnen. Leeftijd is tegenwoordig relatief in koers.”


Fabio Jakobsen en Remco Evenepoel op het podium van de Volta ao Algarve.

Is er iets wat meteen je aandacht trok toen je het rittenschema van de Giro voor het eerst bekeek?
“Het parcours heb ik voor het eerst in detail gezien tijdens een van onze winterse trainingskampen. In mijn geval kijk je dan meteen naar het aantal tijdritten, drie dus, waarvan één echt heel lange. Bij de andere ritten weet je natuurlijk ook meteen welke voor verschuivingen in het klassement kunnen zorgen. De belangrijke etappes haal je er zo uit, maar er is ook een vlakke rit langs de kust. Als zo’n etappe de hele tijd langs de zee blijft, dan weet je dat het daar op de kant kan vliegen…”

De Hongaarse Grande Partenza is door de coronapandemie geschrapt. De startdatum van de Giro is gewijzigd. Je had in Boedapest de jongste rozetruidrager ooit kunnen worden, maar door de coronabreak zal Fausto Coppi je voor altijd voorblijven. Vind je dat jammer?
“Dat zou een mooie uitdaging geweest zijn. En het is altijd leuk om een record mee te nemen: de jongste hier, de jongste daar. Maar als die kans zich niet aandient, dan is het ook maar zo.”

Wat weet jij eigenlijk over de legende Fausto Coppi?
“Weinig, ik weet dat het een Italiaan is die vijf keer de Giro gewonnen heeft, ja… en dan houdt het op. Koersgeschiedenis met al zijn details is niet mijn sterkste vak. Maar de recente iconische momenten, die kan ik me wel voor de geest halen. Nibali in de sneeuw, de monsteraanval van Froome over tachtig kilometer, Contador op de Mortirolo – toen was ik een jaar of acht. Al herinner ik me vooral het verhaal van die rit, niet of ik de etappe heb gezien op tv.”

Tom Boonen 2005Wanneer ben je voor het eerst in je leven naar koers op tv beginnen kijken?
“Zoals elke Belg in 2005 zal ik Tom Boonen naar de wereldtitel in Madrid hebben zien sprinten, zeker?”

Toen was je vijf jaar…
“Of ik dat live heb gezien, weet ik niet meer, maar het is wel mijn eerste tastbare wielerherinnering. De Giro was vroeger voor mij een moeilijke koers om te volgen, omdat die altijd in het schooljaar en tijdens mijn voetbaltoernooien viel. De Tour volgen in de zomervakantie was een stuk eenvoudiger.”

Dus ik zit niet in je geheugen als Girocommentator?
“Dat heb ik niet gezegd, haha. Maar vergeet niet, in tegenstelling tot de meeste anderen van mijn leeftijd, ben ik straks in oktober nog maar drie-en-een-half jaar bezig met wielrennen.”

Was jij vroeger als jonge voetballer een buitenbeentje omdat je ook naar de koers keek?
“Nee, want mijn ploegmaats uit Vlaanderen deden dat ook. Koers is tenslotte een Vlaamse sport, hè. Maar het leeft ook wel sterk in mijn streek, hoor, de rand rond Brussel.”

Ronde van de Algarve
20 februari 2020. De tweede rit in de Portugese Ronde van de Algarve. De buitenwereld twijfelt nog aan het explosieve vermogen van Evenepoel. Op tempo naar boven rijden, dat kan hij, is de stelling, maar versnellen? Op Alto da Foia geeft Remco de criticasters lik op stuk. De rest van de top 5 spreekt boekdelen: Maximilian Schachmann, Dan Martin, Rui Costa en Tim Wellens zijn in die volgorde de geklopten. Het is zijn eerste profzege op een aankomst bergop, dat nu dus ook tot Evenepoels repertoire behoort. Conclusie: Remco heeft als klimmer ook een explosieve versnelling in huis.

De Adriatica Ionica Race vorig jaar was je eerste Italiaanse rittenkoers, je won er meteen een etappe. Wat verwacht je van het fantastische koersland Italië?
“De laars staat garant voor een heel geaccidenteerd parcours en de koers kent er vaak onverwachte wendingen. Een beetje zoals de Italianen zelf. Ik krijg op sociale media vaak uitbundige reacties van Italianen. De tifosi zijn duidelijk in hun nopjes met mijn aanwezigheid in hun nationale ronde. Ondanks corona verwacht ik een groot feest.”

Heb je enig idee hoe de Giro leeft in Italië?
“Nee, maar iedereen beseft wel dat dit na de eerste coronagolf een bijzondere editie wordt. Dat kan niet anders. Ik denk dat Italië in die periode de Giro dubbel zo warm zal omarmen.”

In die Adriatica Ionica won je de heuvelachtige slotetappe met een mooie solo. Wat blijft je bij van je allereerste zege op Italiaanse bodem?
“Dat ik toen een Giroritwinnaar uit de wielen reed…”


Dit interview haalde de Giro & Vuelta special van Procycling dus niet door de val van Evenepoel in Lombardije.

Wil je deze speciale uitgave van Procycling bestellen? Klik dan hier.


Fausto Masnada?
“Yep, die Masnada was mee in een ontsnapping en ik reed ernaartoe. We lagen net voor een supersteile klim van twee kilometer een dikke minuut achter. Tijdens die klim fietste ik het gat dicht, waarna het dertig kilometer volle bak gas geven was richting finish. Masnada kon niet volgen. Na de koers was het dan van: ‘Je rijdt hier wel een Giroritwinnaar los uit het wiel.’ Op zich al straf, en dan was er ook nog het weer die dag. Er dreigde onweer net voor de finale en kort nadien kwam de regen ook met bakken uit de hemel. De wegen werden spekglad, wat tot valpartijen leidde in het peloton. De etappe eindigde uiteindelijk onder een stralende zon. Een bizarre, maar mooie dag.”

“In het begin houdt hij het bij goed tempo houden, de cadans, mijn positie, het bochtenwerk…de gewone dingen in een tijdrit. In de slotkilometers gaat hij dan volledig uit zijn dak. Zo heb ik het graag.”

Je weet hoe je immens populair kan worden in de laars?
“Ja, door Italiaans te praten. Dat lukt al aardig, maar geef me nog wat tijd. Ik oefen regelmatig met mijn Italiaanse ploegmaats en ploegleider Davide Bramati. Thuis spreken we ook Frans en dat helpt om makkelijker Italiaans op te pikken. Dat is wel leuk, want hoe meer talen je beheerst, hoe beter je je ook door de wielerwereld beweegt. Ze zeggen weleens dat Frans de taal van de liefde is, maar Italiaans komt zeker ook in de buurt. En die emoties in die taal ook… aan zijn toonhoogte voel je of een Italiaan stress heeft of op zijn gemak is. Alleen bij Bramati weet je dat niet echt. Hij is in alles extreem gepassioneerd en dat maakt hem ook zo’n mooi mens. Brama is het prototype van de Italiaan.”

Kan je dat heilige vuur van ploegleider Bramati ook omzetten in voor jou bruikbare energie?
Brama is een energiebom barstensvol ambitie en die drive brengt hij ook over op zijn renners. Als hij in je oortje bepaalde woorden roept, dan zet je je verstand op nul en geef je vol gas.”

Maakt een tijdrit rijden met Bramati in je oortje de ervaring completer?
“Zeker, al vraagt hij vooraf wel hoe een renner zijn adviezen graag heeft. Davide is een ploegleider die zich aanpast aan de renner, de topsporter die hij zelf ooit was nog altijd indachtig. Ik heb het graag rustig tot in de laatste vijf kilometer, dan mag hij alle registers opentrekken. En zo loopt het dan ook gewoon. In het begin houdt hij het bij goed tempo houden, de cadans, mijn positie, het bochtenwerk…de gewone dingen in een tijdrit. In de slotkilometers gaat hij dan volledig uit zijn dak. Zo heb ik het graag. Bovendien zijn Italianen vaak ook mensen met het hart op de tong. Ze zeggen het niet alleen als het goed is, maar ook als het minder draait, roeren ze zich verbaal. En alleen het beste is goed genoeg.”

Davide Bramati 2020
Ploegleider Davide Bramati.

Ronde van Burgos
30 juli 2020. Aankomst bergop in de Ronde van Burgos, de eerste rittenkoers op de hertekende kalender na de coronapauze. Remco laat er in het noorden van Spanje geen gras over groeien. Op de Picon Blanco verovert hij definitief de macht in Burgos. George Bennett en Mikel Landa zijn de kroonprinsen van de dag. De koerszomer van Evenepoel begint hoe hij eindigde in het voorjaar, met een paukenslag. Weer een referentie erbij op Remco’s curriculum vitae: winnen na een forse beklimming van negen kilometer.

Inspireren de Italiaanse bergen jou?
“Jazeker, al zijn het erg onregelmatige cols. Soms echt steil, afgewisseld met een stukje vlak, een beetje bergaf zelfs om dan weer supersteil bergop te lopen. Klimmen in de laars is heftig.”

Heb je iets met het vakantieland Italië?
“Ik ben een jaar of drie op rij naar Riva del Garda geweest om te mountainbiken. Dat was een perfecte voorbereiding op het voetbalseizoen. Misschien heb ik daar wel mijn klimmersbenen aan te danken. Ook de streek rond het Gardameer is ongelooflijk mooi.”

Heb je daar destijds ook wat cols bedwongen?
“Ja. Niet de Stelvio, maar een klim met een gelijkwaardige naam daar in de buurt, een beklimming van een kilometer of negen met ook wel wat haarspeldbochtjes. Die bedwong ik dan met de mountainbike op. Pittige mountainbikepaden daar in de streek trouwens!”

“Ik probeer niet te veranderen en gewoon elke dag het beste van mezelf te tonen. Je mag jezelf tegenover de media vooral niet anders voordoen dan je bent, want dan creëer je misschien een totaal verkeerd imago.”

Dus op de koersfiets heb je nog niet zoveel Italiaanse cols in je benen?
“Klopt, al heb ik op stage in Livigno wel de Stelvio beklommen. De Mortirolo stond ook op ons lijstje, maar die bleek wat te ver om in te passen in onze trainingsritten. Maar de Stelvio heb ik al langs twee kanten beklommen en de derde zijde via de Umbrailpas ben ik al naar beneden gekomen. Mijn koersbandjes kennen de drie kanten dus al.”

Over de Stelvio gesproken: heb jij herinneringen aan de fantastische prestatie van Thomas de Gendt destijds op de Stelvio?
“Ha, in zijn blauwgele truitje van Vacansoleil! Ik heb dat toen gezien. Een speciaal moment toch, ook omdat ik toen voor de eerste keer hoorde over Thomas De Gendt.”

Thomas De Gendt, Remco Evenepoel 2020
Links Thomas De Gendt, rechts Remco Evenepoel. 

Ronde van Polen
8 augustus 2020. In de voorlaatste etappe van de Ronde van Polen, de koninginnenrit in het Tatra-gebergte, is het nog iets minder dan 52 kilometer tot de streep. Op een lopende klim plaatst Remco een versnelling zonder uit het zadel te komen. Met zijn 52×36 versnelling fietst hij in een mum van tijd een voorsprong van een minuut bijeen. Drie gereputeerde tegenaanvallers slaan de handen in elkaar. Rafal Majka, Jakob Fuglsang en Simon Yates, nochtans een ijzersterk trio, hebben geen schijn van kans tegen een ontketende Evenepoel. Girowinnaar Richard Carapaz wordt genadeloos uit de gele trui gereden. Aan de streep haalt Remco het rugnummer van Fabio Jakobsen uit zijn achterzak. Het is een eerbetoon aan de Nederlandse kampioen die flirtte met de dood na de horrorcrash van Katowice. ‘Ik kon trappen voor twee,’ zegt Remco achteraf. De jonge wolf van Deceuninck-Quick Step steekt een dag later de eindzege in de Ronde van Polen op zak. Het is z’n eerste rittenkoers in de World Tour. Weer een doel afgevinkt op zijn bucketlist.

Alles is een leerproces bij jou, al lijk je dat telkens wel versneld door te maken. De manier waarop je met de media omgaat bijvoorbeeld, is voor iemand van twintig jaar fenomenaal. Hoe is dat gegroeid?
“Van nature eigenlijk, want ik ben gewoon mezelf. Ik probeer niet te veranderen en gewoon elke dag het beste van mezelf te tonen. Je mag jezelf tegenover de media vooral niet anders voordoen dan je bent, want dan creëer je misschien een totaal verkeerd imago. Dus probeer ik in interviews gewoon spontaan te antwoorden zonder rond de pot te draaien. Dat is mijn geheim, allez mijn geheim klinkt zo… dat is dus feitelijk mijn gewone manier van doen. Keep it simple! Zelfs als jonge voetballer heb ik nooit mediatraining gehad. En ik kijk ook niet naar hoe andere sporters met media omgaan. Als ik sport op tv kijk, dan zap ik bij de interviews zelfs weg. Ik zie interviews geven gewoon als part of the job. Mediaverplichtingen horen erbij. Al moet ik toegeven: minder interviews geven is langer op je bed liggen, haha.”

De hamvraag blijft hoe je lichaam reageert op langer dan tien dagen op rij koersen. Want dat moet je nog altijd voor de eerste keer doen?
“Ja, al reed ik vorig jaar in Noorwegen eens bijna tien dagen op rij (drie dagen Hammer Stavanger, met een dag ertussen voor zes dagen competitie in de Ronde van Noorwegen) en het positieve daar was dat ik mijn vorm kon aanhouden. Mijn niveau bleef constant. Aan die vaststelling trek ik me nu op. Uiteindelijk weet ik nu niet hoe mijn lijf zal reageren na tien dagen op het hoogste niveau met een opeenvolging van zware etappes en lange tijdritten. Feit is: de benen moeten elke dag top zijn. Ik heb al vaak gehoord dat als je één dag niet op de afspraak bent, je er grandioos wordt afgereden. Daar moet ik op voorbereid zijn, dat kan gebeuren op mijn leeftijd. Ik zit sowieso nog in een leerproces. Vergeet niet dat ik hoop nog een jaar of vijftien te koersen. Ik sluit zeker niet uit dat ik na 2020 terugkeer naar de Giro.”

Remco Evenepoel 2020


Remco de Italiaan
De Italiaanse keuken is legendarisch lekker, wat is je favoriete pasta?
“Een simpele pasta met wat groene pesto. Heel basic, maar gewoon erg lekker! Dat maak ik met plezier zelf klaar. Ik woon nog thuis en mijn ouders werken meestal redelijk laat, terwijl ik op een doorsnee dag zo’n vier train. Daarom zorg ik regelmatig voor het avondeten.”

De pasta is toch al dente dan?
“Natuurlijk, niet laten overkoken is de boodschap. Het moet op de minuut af zijn, dan het water uit en afgieten. Daarna draai ik de spaghetti zonder lepel professioneel rond de vork, zodat de Italiaanse ploegmakkers me niks kunnen verwijten. Spaghetti snijden ligt al een tijd achter me, haha.”

Wat is je favoriete pizza?
“Ik hoor je al komen. Het is niet de pizza Hawaï, al lust ik ananas wel graag als dessert. Doe mij maar een eenvoudige pizza, met wat ham, champignons en verse groentjes.”

Heb je iets met Italiaanse muziek?
“Niet echt, scusatemi. Vergeef het mij!”

Wie is je favoriete Italiaanse voetballer?
“Andrea Pirlo!” (de vroegere middenvelder en huidige coach van Juventus)

Wat is je culinaire guilty pleasure?
Gelato! Ik combineer altijd drie verschillende smaken. Een ijsje met drie bolletjes dus: speculaas – al hebben ze dat niet in Italië – stracciatella (Italiaans vanille-ijs met chocoladevlokken) en de derde bol is de inspiratie van het moment.”

Remco Evenepoel 2020

Gerelateerd

Geef een reactie

Inloggen