• Overzicht van alle invloedsfactoren

    We hebben in ons boek de invloed van vele factoren op de wielrenprestaties geanalyseerd. Hierbij hebben we de nadruk gelegd op de factoren waar aan ‘gerekend’ kan worden. Dat betekent dat we gekeken hebben naar die factoren waarvan: 1. wetenschappelijk bewezen is dat ze ook daadwerkelijk een significante invloed hebben op de prestatie bij wielrennen 2. we met een wiskundig model die invloed ook kunnen uitrekenen Uiteraard kan niet alles kan op deze manier uitgerekend worden. Zo zijn e
  • Eten en drinken voor en tijdens de wedstrijd

    Tijdens de 15e etappe van de Tour de France van 1975 was de onklopbare ‘Kannibaal’ Eddy Merckx weer eens in zijn eentje weggereden bij alle concurrenten, waaronder Joop Zoetemelk en Bernard Thevenet. Iedereen verwachtte dat hij, zoals gebruikelijk, onstuitbaar in zijn gele trui zou doorklimmen naar Pra Loup. Maar van het ene moment op het andere was het gebeurd met de grote kampioen. Zijn soepele tred verdween als sneeuw voor de zon en hij kon zelfs het lichtste verzet niet meer ronddraaien.
  • Warm weer en de vochtbalans

    We hebben allemaal wel eens zo’n ideale race meegemaakt: snel parcours, lekker vlak, windstil weer, lekker groepje en ideale temperatuur. Maar wat is dat eigenlijk, de ideale temperatuur? We zagen eerder al dat bij een hogere temperatuur de dichtheid van de lucht lager is, zodat we minder last hebben van de luchtweerstand. In dit artikel behandelen we de invloed van de temperatuur op het vermogen van onze menselijke motor zelf. In de praktijk spelen hebben 2 factoren invloed op de prestaties
  • De invloed van variaties en de wedstrijdstrategie

    Tot nu toe hebben we steeds gekeken naar de evenwichtssituatie met een constante snelheid en een constant vermogen. De enige uitzondering hierop was het hoofdstukje over de eindsprint, waarin we zagen dat je gedurende korte tijd extra kracht en vermogen kunt mobiliseren dat je gedurende 5 seconden een versnelling geeft, zodat je een jump kunt maken. In de praktijk heb je natuurlijk dikwijls snelheidsvariaties, zowel in de training (bij intervaltraining) als in de wedstrijd (wandeletappes afgewis
  • Hoe buitenaards is de 29:17.47 van Ayana?

    Het fantastische wereldrecord van 29:17.47 dat de Ethiopische atlete Almaz Ayana vestigde tijdens haar winnende race op de 10.000 meter bij de Olympische Spelen in Rio de Janeiro gaf meteen aanleiding tot speculaties en discussies in de media. Zo werd op Twitter de vraag gesteld met welke fietsklimtijd op de Alpe d’Huez deze prestatie vergeleken zou kunnen worden? In diverse media werden impliciete insinuaties naar dopinggebruik gedaan, onder meer door opmerkingen dat de dopingcontroles in Eth
  • De invloed van een hoogtestage

    Hoogtestage is een van de meest besproken onderdelen van de voorbereiding van renners voor de grote rondes. Het principe is eenvoudig. Bij het verblijf op grote hoogte past het lichaam van de atleet zich aan aan de ijlere lucht en de lagere beschikbaarheid van zuurstof. In de praktijk worden stages op een hoogte tussen 2500 meter en 4000 meter aanbevolen. Diverse onderzoeken hebben aangetoond dat in de nieren een verhoogde (natuurlijke) productie van het hormoon Erytropoëtine oftewel EPO plaats
  • Demarreren en de eindsprint

    Tot nu toe hebben we alle berekeningen uitgevoerd voor de evenwichtssituatie. Dat wil zeggen dat het vermogen van de renner gelijk is aan de som van de rolweerstand, de luchtweerstand, de klimweerstand en de mechanische weerstand. Dit evenwicht leidt ertoe dat de snelheid constant blijft. Bij demarrages en de eindsprint is dit natuurlijk niet het geval. De renner mobiliseert in korte tijd een hele grote trapkracht en een heel groot vermogen, waardoor de snelheid flink toeneemt. In feite kun je
  • Hoe goed was Tom Dumoulin bij de tijdrit van de Tour de France?

    Wat hebben we genoten van de fenomenale overwinning van Tom Dumoulin bij de tijdrit in de 13e etappe van de Tour de France. In een vlekkeloze stijl reed hij het hele veld naar huis, inclusief Chris Froome die meer dan 1 minuut moest toegeven op de ontketende Dumoulin. Dat belooft wat voor de tijdrit bij de Olympische Spelen! In Rio is hij hiermee de grote favoriet voor de gouden medaille, zoals Tom inmiddels zelf ook niet meer kan ontkennen. Wij konden het uiteraard niet nalaten om zijn prestati
  • Bochten, de baan en de proloog

    Bochten vormen een speciaal aandachtspunt. De middelpuntvliedende kracht wil je namelijk letterlijk uit de bocht laten vliegen. De middelpuntvliedende kracht is evenredig met het kwadraat van je snelheid v en omgekeerd evenredig met de kromtestraal R van de bocht: Fmv = m*v2/R Evenwichtshoek in de bocht Je kunt dit opvangen door in de bocht wat schuin te gaan hangen. Hierdoor zorg je voor een evenwicht tussen Fmv en de horizontale component van de zwaartekracht Fg: Fmv = Fg*tg(φ) Omdat F
  • Verzet, trapfrequentie en crancklengte

    Verzet, trapfrequentie en crancklengte zijn populaire onderwerpen in de literatuur en aan de stamtafel in het wielercafé. Welk verzet moet je kiezen om het juiste tempo te rijden zonder dat de benen verzuren? Kies je net als Armstrong voor een koffiemolentje of monteer je de grote molen? Wat is voor jou de optimale trapfrequentie en heeft het zin om een andere lengte van je crancks te monteren? De meeste wielrenners hebben uit ervaring wel ontdekt wat voor hen wel en niet werkt, maar wij willen