Morgen zijn laatste koers: Parijs-Roubaix. Gaat hij hem voor de vijfde keer winnen? Dat gaan we zien. Er is de afgelopen dagen en weken al heel over geschreven en verschenen en ook wij kregen een deel van de taart ‘toegeschoven’. Op uitnodiging van fietsensponsor verbleven we een tweetal dagen in en om rond Roubaix. Op en naast de fiets.

S-Works Roubaix

Het draaide bij Specialized in eerste instantie om de speciale Roubaix fiets van Tom. Een witte S-Works Roubaix met gouden decals en een Shimano Dura-Ace Di2 afmontage, 53/44 voor in combinatie met een FSA ‘kettingopvanghaakje’. Maatje 54, Roval CLX 50 wielen, Specialized 28 mm tubes, FSA stuur en FSA alu stuurpen, dubbel stuurlint, sprint shifters, speciale ‘engraved’ derailleurwieltjes en de speciale ‘Future shock’ van Specialized. Simpel (1): in de voorvorkpijp zit een veer, een soort oversized veer die je ook in ballpoint aantreft. Simpel (2): bij een grote klap veert de stuurpen in -en vangt zo de klappen op. De zadelpen is een FSA model en is nu ook nog eens wat dieper in het frame gemonteerd. Daardoor kan de pen ook extra klappen opvangen. We konden zijn fiets even wegen: 7,8 kilo inclusief pedalen.

Tom

De fiets stond ook op het podium tijdens zijn laatste persconferentie voor een koers, ditmaal bij Quick-Step. Druk? Ehhh..dat is nog een understatement. Na de gebruikelijke vragen konden er ook nog wat technische vragen gesteld worden. ‘Vroeger gebruikte je vijf frames per jaar, nu gaat een frame langer mee. Het blijft stabiel en stijf. Ook de groepen zijn betrouwbaarder geworden. Ik heb met alle merken gereden. Campagnolo, SRAM en Shimano. Campagnolo is het mooist, Shimano is het beste’ zo vertelde hij. ‘Mijn eerste fiets had 8-speed Dura-Ace met van die ‘waslijnen’. En nu? ‘Di2’. Over de vraag of schijfremmen het gaan worden: ‘Ik denk het wel. Maar er zullen altijd fietsen met velgremmen blijven. Wij gebruiken nu fietsen met velgremmen omdat er tientallen mensen langs de route gaan staan met reservewielen. Het blijft droog, dus schijfremmen zijn niet nodig. En een gewoon wiel wisselen gaat gewoon sneller’. Boonen heeft wel eens geopperd om tijdens een trainingskamp een fiets op laten bouwen door coureurs. ‘Sommigen weten niks van techniek, anderen zijn er 100 % mee bezig. Zo kon je laten zien hoe mooi de techniek in elkaar zit. Helaas is dat er nooit van gekomen’. Op de vraag welke fiets hij zelf zou kopen gaf hij eerst aan dat zijn garage vol staat met fietsen. ‘Maar ik had graag op een Colnago C60 gekoerst. Ik heb een zwak voor Ernesto’.

Specialized Roubaix Expert

Een dag later reden we zelf de laatste zestig kilometer tussen Orchies en Roubaix. Zo’n tien kasseienstroken waaronder de Carrefour de l’Arbre, Templeuve en de kasseien van Hem. Oeff. Op een Specialized Roubaix Expert. De Expert is standaard afgemonteerd met een DT R740 wielset, de testfiets had een duurdere -en lichtere- Roval set. O ja: dat kastje. Heel zichtbaar, vlak boven het crankstel. Dat is een soort ‘toolbox’. Daar passen een binnenbandje, patroon en minitool in. Dat in plaats van een zadeltasje. Praktisch, maar mooi? Daar kun je over twisten. De vraag: Future Shock. Werkt het? Ja, prima. Super comfortabele fiets! Je glijdt als een ware Amerikaanse slee over slecht asfalt en keienpaden. En als je dan moet sprinten? De ‘beweging’ zit alleen verticaal, zeker niet horizontaal. De vork is ook extra oversized en de unit met de veer is van metaal. Dit alles voegt wel zo’n 300 gram extra gewicht toe. Maar een Roubaix koop je om zijn comfort gepaard met snelheid, niet voor het lage gewicht ( zie voor een uitgebreide test FIETS 12 van 2015).  Onderweg konden we nog stoppen om te zien hoe het echt moest: Quick Step deed een laatste verkenning. Overigens gade geslagen door tientallen fans. Wij mochten finishen op de wielerbaan in Roubaix. Ook leuk na een kleine zestig kilometer trouwens.